Stedenbouw | Studie Ooijpoort Nijmegen
OpdrachtgeverVOF Ooijzoom
LocatieUbbergseveldweg e.o., Nijmegen
Datum2008-heden
ProjectteamSven Dyckhoff, Bob Zanders, Simon Bergervoet

Studie Ooijpoort Nijmegen

Ontwerp: In de zomer van 2008 zijn we door V.O.F. Ooijzoom benaderd voor het maken van een toekomstvisie voor het gebied gelegen rondom het Hollands Duits gemaal. In genoemde V.O.F. hebben zich een aantal aannemers/ontwikkelaars aaneengesloten, die posities in het gebied en/of een band met Nijmegen hebben.

Te noemen hierin zijn in ieder geval Aannemersbedrijf Giebertz, Van de Water aannemersbedrijf en Klok Bouw. Daarnaast hebben een aantal andere belanghebbenden in het gebied aangegeven geïnteresseerd te zijn in deelname aan dit initiatief.

De complexiteit van het gebied vraagt om een totaalvisie die, rekening houdend met de vele belangen, zou moeten leiden tot een breed gedragen plan. Daarom is uiteindelijk een groter gebied bekeken dat grofweg omsloten wordt door de Ooijse Schependom, het Hunnerpark, De vooroorlogse stadsuitbreidingen en de stuwwal ten oosten van het Traianusplein.

Eerdere studies van de gemeente Nijmegen hebben als leidraad gediend voor de door ons ontwikkelde toekomstschets. In deze schets hebben wij een aantal deelgebieden onderkend. Deze gebieden staan met elkaar in verbinding en ondersteunen en versterken elkaar. Desondanks kunnen deze toch op zich bekeken worden.

Onderstaand in hoofdlijnen de ingrepen in het gebied:
Een aanpassing van het Traianusplein en een rechtstreekse verkeersverbinding van de waalbrug met de St. Canisiussingel. De ingreep behelst het kantelen van het plein waardoor er een groene parkachtige verbinding kan ontstaan tussen Hunnerpark en de stuwwal.

Wij zijn van mening dat dit de enige manier is om centrum, Ooij en stuwwal bovenlangs zowel visueel als fysiek te verbinden langs historische lijnen. Bovendien biedt deze stedelijke openbare ruimte mogelijkheden voor allerlei activiteiten. De rechtstreekse verbinding van de hoofdverbinding met de St. Canisiussingel biedt mogelijkheden voor een ongelijkvloerse kruising aan de kop van de St. Canisiussingel die de doorstroming sterk kan verbeteren.

Het februari bombardement in 1944 op Nijmegen heeft de 19e eeuwse stadsuitleg langs de rand van de stuwwal ernstig beschadigd.

Na de oorlog heeft een andere visie op dit deel van de stad geleid tot een meer modernistisch idioom. Namelijk dat van vrijstaande gebouwen in de ruimte (het landschap) Wij stellen voor deze stedenbouwkundige opbouw te respecteren en te versterken door de plaatsing van een gelede toren in het verlengde van deze bebouwing en op de zichtassen vanaf de waalbrug en de singel.
Het zicht naar en de relatie met de Ooij vanaf de Waalkade verbeteren door de opening onder de waalbrug te vergroten en door de plaatsing van het geplande museum onder en evenwijdig aan de waalbrug. Deze situering op de rand van stad en buitengebied biedt ongekende mogelijkheden voor de geplande functies.

De boulevard doortrekken naar het begin van de Ooij door de oude Ubbergseveldweg als ruimtelijke verbinding terug te brengen.
De wandelroutes tussen de stad, de Ooij en de heuvelrug op logische wijze met elkaar verbinden zodat de relatie met het buitengebied meer vanzelfsprekend kan verlopen.
Met de toevoeging van een ondergrondse parkeergarage kan o.a. het parkeren in de Ooij en Oost worden ontlast en ontstaan er parkeerplaatsen voor de toe te voegen bebouwing en het geplande museum.

In de Ooijse Schependom staan we een mix van wonen en werken in de natuur voor. Uitgangspunt is, gezien de buitendijkse ligging, gebruikmaking van bestaande gebouwcontouren en innovatieve oplossingen die de watervoering niet belemmeren en/of verminderen. De identiteit van het gebied blijft gehandhaafd.
Aan het Meertje staan wij een meer ingrijpende herstructurering voor waarbij de oksel gevormd door de brugaanlanding en de stuwwal gebruikt wordt om tot een meer intensieve bebouwing te komen die ruimte biedt voor met name wonen en kleinschalige bedrijvigheid.

Een opbouw met verspringen in hoogte en diepte en verbindingen middels steegjes en pleintjes zorgen voor een intieme sfeer en een voor Nederlandse begrippen uniek stedelijk beeld op de scheidslijn tussen stad en rivierenlandschap.